Afhankelijkheid en de rol van de overheid

Zo tussen de kerstdagen en oud en nieuw is een mooi moment om eens te kijken naar hoe onze samenleving tot stand kwam. We gaan eens een paar duizend jaar terug. Wat er toen in de lage landen rondliep, waren groepen mensen in vooral familieverband. De sterkste of de slimste was de leider, net naar gelang de keuze van de groep, of de wens van de sterkste om leidend of volgend te zijn. Je kan immers wel sterk zijn, maar als je niet leidend bent, dan zal iedereen zich van je afwenden en vervolgens heb je honger. Men zorgde voor zichzelf en de familie zorgde samen voor de groep. Was er niet goed gepland of overkwam de groep iets vervelends, dan was er honger of zelfs de dood. Wie dus niet goed plande was ten dode opgeschreven. Huisvesting, medicijnen, voedsel, je deed het allemaal zelf of in familieverband. Toen kwamen de Romeinen. Die waren ondertussen al iets verder. Die gingen bijvoorbeeld georganiseerd wegen aanleggen. Die wegen hadden voor de Romeinen hun nut al bewezen. Militair gezien was er het voordeel dat je je legers snel kon verplaatsen. Economisch was er het voordeel dat handel over grotere afstanden mogelijk werd. Men kon zich daardoor nog iets makkelijker specialiseren tot een vakgebied. De pure pottenbakker, jager, wever, gereedschapsmaker etc. ontstonden. Er kwam steeds meer de behoefte aan iets waarmee je kon handelen. Uiteindelijk werd na veel experimenten goud en zilver ideaal bevonden. Daar kon je onderling mee afrekenen omdat het voor een bepaalde waarde stond. Wat de Romeinen vele jaren later ook ontdekten was dat je goud en zilver gaandeweg kon vervangen door minder metaal of zelfs door veel goedkoper metaal. Inflatie was geboren en het bedrog van het geld daarmee ook. De keizers gingen schulden aan en kwamen weer van die schulden af via inflatie.

De wegen moesten onderhouden worden en dat gebeurde door belastingen te heffen. Deels vanuit de gedachte dat de gebruiker betaald, maar ook puur vanuit het feit dat je nu eenmaal in het Romeinse rijk woonde. De ambtelijke overheid ontstond en ging de inwoners registreren om ze te kunnen belasten. Wegen bouwde je als lokale samenleving niet zelf, dat deed ‘de overheid’ voor je. De overheid, daar maakte je als burger geen deel meer van uit. Het werd een aparte entiteit. Je was burger, of je was ambtenaar. Een situatie die we nog altijd kennen. De overheid creëerde ook werkgelegenheid en een pensioen voor haar eigen werknemers. Je kon in het Romeinse leger dienstnemen en dan kreeg je, als je het overleefde, na twintig jaar een pensioen in de vorm van wat land wat je als boer mocht gaan verbouwen. De familieverbanden werden veel minder hecht, want de overheid zorgde voor de soldaten. Er ontstonden ook steden met een enorme interne handel. Als mensen honger leden, dan kwam de overheid met gaarkeukens om te voorkomen dat het gepeupel in opstand zou komen. Nadat de Romeinen vertrokken waren, nam na verloop van tijd de kerk de rol van de centrale overheid over. Er waren wel ‘edelen’, maar de grote gezagshebbende overheid die ook door de edelen erkend werd, was toch wel de kerk. Die hield de samenleving nog een beetje bijeen, want voor de rest was het eeuwenlang niet best toeven in deze streken. Na de middeleeuwen ontstonden er ook grote bedrijven. De VOC was in feite zo groot als een overheid. Ze had zelfs haar eigen munten. Vooral toen de industriële revolutie een feit werd, was niet alleen de overheid een grote werkgever, maar kwamen er ook rijke ondernemers die veel werkgelegenheid boden. Familieverbanden werden nog weer veel losser en men werd steeds afhankelijker van anderen die voor werk en voedsel zorgden. Had je een probleem, dan ging je naar de kerk, werkgever of overheid. De werkgevers stonden niet bijster bekend om hun inlevingsvermogen en aldus ontstonden vakbonden. Door daar een belasting (lidmaatschap) aan te betalen, kon die je ook hulp bieden. Hoe dan ook, we werden allemaal afhankelijker en steeds minder mensen namen nog zelf verantwoordelijkheid voor hun situatie. In de jaren zeventig van de vorige eeuw was het iedereen duidelijk dat er uiteindelijk maar enkele werkgevers en de overheid zouden overblijven en dat je je moest organiseren om daar een positie tegenover in te kunnen nemen. De vakbonden waren op hun sterkst. De ondernemingszin was tegelijkertijd op zijn laagst ooit. Scholen waren slechts opleidingsfabrieken voor de grote bedrijven. Bedrijven bepaalden wat de scholen moesten afleveren. De Mammoetwet in Nederland is achteraf in de ogen van velen een falen op Bijbelse schaal gebleken. Wat leerde je nu nog eigenlijk op school? Debatteren, Tekenen, het was op je rapport net zoveel waard als Engels en Wiskunde.

De overheid zorgde na de Tweede Wereldoorlog voor je van wieg tot graf. Uitkeringen, huisvesting, belasting, post, elektriciteit, water, wegen, wat deed de overheid eigenlijk niet? Je hoefde als inwoner maar een paar dingen te doen. Naar school, werken of als je niet kon werken een uitkering en met pensioen. Het leven was simpel.

Jammer is alleen dat het niet vol te houden was. De helft van een generatie besloot in de jaren zestig uit te treden en dan ook maar voor alleen die uitkering te gaan. Wat opgezet was als noodopvang werd tot doel van veel te velen. Het systeem begon onder deze ontwrichtende acties te kraken. De enorme passiviteit van de inwoners werd een te grote last voor de gehele samenleving.

Die passiviteit is er nog altijd, maar gelukkig zien we nu wel veel meer ondernemers ontstaan. In Nederland is de ZZP’er een mooi voorbeeld. In feite een werknemer die voor zichzelf begonnen is. Veel meer vrijheid, maar ook veel meer onafhankelijk. Helaas ook een grote kwetsbaarheid, want als de ZZP’er het niet redt, is er geen familieverband om hem op te vangen. Ook de overheid doet dan weinig. Deze ZZP’er neemt dus nogal wat risico. Sommigen noemen het niet voor niets de verborgen werkloosheid. Daartegenover zien we helaas een nog altijd veel grotere groep mensen die officieel niets meer doen. Soms is al de derde generatie werkloos. Hele volkswijken waar de enige vorm van ondernemersschap de criminaliteit is. Het gekke is, ze KUNNEN het dus wel… Het is alleen zo jammer dat stroom gestolen wordt en dat de wietpantages geen belastingen opleveren. Het zou anders een prima middel zijn om de welvaart beter te verdelen. Het is dus een leugen te denken dat men in volkswijken niet kan ondernemen. Het enige wat ze niet kunnen, is het zo opzetten dat het legaal is. In plaats van een uitkering zouden die mensen een opleiding ondernemen moeten krijgen. Bij hele volksstammen is uit beeld geraakt dat je iets zou moeten doen voor je geld en dat je dan ook belastingen moet afdragen. Men vindt het heel gewoon dat je ‘recht hebt’ op steun en uitkering. Ook zonder dat je er ooit iets voor deed. Het is jouw schuld niet dat je je opleiding niet afmaakte, aan de drugs en drank raakte en verkeerde vrienden had. Ze zijn onbemiddelbaar door tatoeages van teen tot oor en vinden het gek dat ze nergens een baan krijgen. Prima dat je geen baan kan krijgen, ga dan maar ondernemen… Een aantal beschilderden doen dat al en zijn hun eigen tattooshop begonnen… waarmee ze dan weer anderen onbemiddelbaar maken.

In België is nu een mooie discussie over de passiviteit van start gegaan. De pensioenleeftijd is van 60 naar 62 gegaan. België lag vervolgens een dag plat vanwege de stakingen. De werknemers en vakbonden vinden het te gek voor woorden dat er tot de 62e gewerkt moet worden… Zolang dit de instelling is van het gros van de werknemers vrees ik dat het niets gaat worden met de samenleving. Het besef is er simpelweg niet dat het over en uit is met de pret.

Van mij hoeft niemand te werken, dus die 62 hoeft van mij ook niet. Moet je echter ook niet zeuren over een uitkering…

De overheid die voor je zorgt van wieg tot graf is een leugen gebleken. Eén generatie heeft er gebruik van kunnen maken, namelijk de babyboomers die na de Tweede Wereldoorlog geboren zijn. In feite de generatie die er eind jaren zestig en in de jaren zeventig ook het meeste misbruik van heeft gemaakt. Ze leefden in een tijd dat de economie enorm groeide en de bomen tot in de hemel leken te groeien. Het is rot, heel rot, maar die tijd is over. We zullen terug in verworvenheden moeten. We leven nu in feite over de ruggen van de Afrikanen en Aziaten die we hun welvaart ontzeggen om die van ons te kunnen behouden. We leven op geleend geld dat we niet gaan terugbetalen. We leven in een beschermde markt die we EU noemen en die leveranciers buiten de EU uitsluit of straft met extra belastingen.

De economie gaat terug en daarmee moeten we de kosten verminderen. Vooral de overheid kost ons veel te veel. Haar rol was een eeuw lang steeds meer van een ondersteunenende naar een leidende. De overheid investeerde een eeuw geleden in nieuwe technologie zoals electriciteit, watervoorziening, wegen voor auto’s etc. De overheid werd daardoor een economische macht met monopolies op meerdere economische onderdelen. De rol van de overheid is vervolgens veel te dominant geworden. Dat was geen probleem zolang de economie maar bleef groeien. Helaas is dat laatste niet meer het geval en de bedrijven waarop de overheid leunde (vaak ook oud staatsbedrijven) zijn verkocht en leveren geen jaarlijks dividend meer op. Deze bedrijven zoeken, nu ze geprivatiseerd zijn, ook belastingparadijzen op en leveren vervolgens ook geen belastinginkomsten meer op. De overheid verarmd dus in hoge mate. Dat terwijl de rol van de overheid vooral op het gebied van toezicht, registratie, controle en veiligheid alleen maar toeneemt. Steeds meer regels die steeds meer handhavindstijd kosten en ook een enorme administratieve last met zich meedragen. Criminaliteit wordt er niet mee tegengegaan. Criminelen verschuiven slechts hun werkterrein en de legale bedrijven blijven zitten met meer blijvende lasten terwijl de overheid er weer een paar banen in de overheidssector bij heeft gecreëerd.

De samenleving gaat vervolgens langzaam maar zeker ten onder aan regelzucht. Niets mag meer, want er is overal wel een regel voor. Restaurant- en café houders hebben dat in Nederland na de brand in Volendam aan den lijve ondervonden toen de brandweer actiever werd in haar handhavende rol. Er moesten aanpassingen komen. Vervolgens kwam de voedsel en warenwet en die vond dat die nieuwe aanpassingen weer weg moesten, want het voedsel werd er niet beter van. Toen kwam een volgende instantie die de veiligheid van de werknemers in het geding zag komen en als klap op de vuurpijl kwam de belasting die bepaalde faciliteiten niet meer aftrekbaar zou vinden als de aanpassingen doorgang zouden vinden. Het is maar even een voorbeeld, maar uiteindelijk had officieel ieder restaurant enkele jaren geleden gesloten moeten worden omdat de opgelegde regels elkaar zo tegenspraken dat een restaurant of café open houden onmogelijk was geworden. De restauranthouders zochten de pers op en dankzij de overduidelijke voorbeelden van onmogelijke regelgeving kwam er wat meer coördinatie tussen de vele overheidsinstanties. Wat wel bleek, was dat er 5 FTE overheid nodig zijn ten opzicht van één FTE restauranthouder. Dit valt economisch uiteindelijk niet te verantwoorden.

De omvang van de overheid is enorm doorgeschoten en al die ambtenaren die hun werk zo goed mogelijk doen verstikken de creativiteit binnen de economie en ze verstikken de economische groei. Dit kan zo niet langer, maar de trend is nog altijd meer overheid, meer toezicht, meer controle, minder vrijheid.

Kijk naar de financiële sector alwaar de toezichthouder in 10 jaar tijd in omvang verveelvoudigde. Van een kleine heel gerichte toezichthouder is het gegaan naar een overheid binnen de overheid. De AFM is geen toezichthouder meer, ze is nu regulator, toezichthouder, loonbepaler en zelfs procedure bepaler. Het is nu zelfs zo dat de AFM heel het verdienmodel van verschillende deelsectoren aan het aanpassen is. Dat is dus wel meer dan alleen een rol als toezichthouder. De vrijheid van ondernemers en de vrijheid van marktwerking en de markt zelf wordt daarmee ernstig aangetast en daarmee de verdienmogelijkheden ook. Ik verwacht daarom binnenkort een daling van de werkgelegenheid in de financiële sector. Vooral de kleine aanbieders en onafhankelijke tussenpersonen gaan bij bosjes omvallen. De lasten worden te hoog, de administratieve druk wordt door die groeiende AFM organisatie simpelweg onhoudbaar. De grote banken profiteren want niet alleen zijn die te groot voor serieus toezicht, maar tevens hebben die een schaalgrootte die het mogelijk maakt de administratieve lasten binnen de perken te houden. Nieuwe initiatieven worden steeds moeilijker omdat de startlasten en startvoorwaarden veel te onbereikbaar worden. Ik voorzie ook dat binnen enkele jaren de AFM zo groot en machtig gaat worden dat ze serieus gaat knabbelen aan onze vrijheden zoals de persvrijheid en de vrijheid om zelfs als individu de mening te mogen verkondigen. Het is niet voor niets dat ik nu al zo ageer tegen de AFM. Over enkele jaren is het verboden! Vanuit de politiek kwam al eens de mededeling dat het oproepen tot een bankrun strafbaar gesteld zou moeten worden. Als dat strafbaar wordt, kan dan een columnist die schrijft over de financieel onhoudbare situatie van een bank de gevangenis indraaien? Alleen omdat je analyse een bepaalde uitkomst geeft? Immers de conclusie van die analist is dan dat de bank niet kredietwaardig meer is. Dat houdt dan één ding in… geld weghalen voor de zaak klapt.

Dan naar ons. U en ik. Moeten wij ons afhankelijk van de overheid opstellen? Het lijkt me evident dat dit niet verstandig is. Waarom blijven vakbonden dan wel roepen dat de overheid voor alles moet zorgen? Dat is toch mensen in een afhankelijke situatie houden? Ik vrees dat de belangen van de vakbond zelf anders zijn dan die van hun leden. Een vakbondsleider heeft een baan dankzij die vakbond. Als de leden mondig worden en het zelf regelen, dan is de vakbond niet nodig. Oeps, dan is de vakbondsleider niet nodig. De vakbonden willen geen sterke economie. Da vabbonden willen geen ZZP’ers en zeker geen kleine ondernemers die een paar man personeel aannemen. Ze willen ook geen haalbare regelingen. Immers maakt dat ze overbodig. (Als ZZP’er kan je nu wel lid worden van de vakbond. Je moet alleen vertrekken zodra je zelf werkgever wordt… Dat ben je als snel als je wat leuke opdrachten krijgt. De vakbond wil de ZZP’er alleen omdat het geld oplevert. Ze hebben er verder weinig mee.)

De actie van de vakbonden in België is niet voor die twee jaar langer werken. Ook de vakbonden zien heus wel in dat hier niet aan valt te ontkomen. Ze willen gewoon hun eigen werk behouden. Blijven eisen, blijven roepen. Dat geeft klanten, dat geeft betalende leden. Het heeft met realiteistzin niets meer te maken. Natuurlijk zijn er mensen die het willen dat iemand zegt dat de 60 jaar pensioenleeftijd moet blijven. Als zo’n vakbond dat voor je wil roepen dan prima. Maar hoe serieus wordt zo’n vakbond nog genomen door hen die verantwoordelijkheid dragen voor het overheidsbudget? De vakbonden, dat zijn op die manier eigenlijk alleen maar instituten uit het verleden met maar een beperkt nut voor de toekomst. Ze moeten kleiner worden qua organisatie en veel meer inzetten op groepen mensen die voor een bepaald onderwerp even een gezamenlijke organisatie nodig hebben.

Vakbonden roepen op dit moment alles dat maar leden kan opleveren. Het gaat ze niet om de economie, niet om werkgelegenheid, het gaat ze om ledenwerving. Werknemers roepen in groepen ook van alles. De groepsdynamiek maakt dat het eigen denken wordt uitgezet. In feite zou je dus best als machthebber niet te snel luisteren naar grote groepen. Grote denkers zijn eenlingen, groepen zijn kuddes. Net als bij beleggen zien we dat de kudde steeds de verkeerde richting op loopt.

Gezien de stakingen in België ben ik er niet gerust op dat het hier goed gaat komen. Ik zie een ontkenning van de werkelijkheid die geen gelijke heeft. Is logisch nadenken dat echt zo moeilijk of moet ik de staking zien als een soort uitlaatklep voor frustraties en nu gaat iedereen weer aan het werk?

Hoe dan ook, ik pleit er voor dat we ons ‘vrij’ maken, zoveel we kunnen. Des te minder afhankelijkheid van een onzekere overheid, des te beter dat het is. Daarbij zou de overheid moeten terugtreden in plaats van steeds meer willen regelen. Helaas zal op dit vlak de wal op een gegeven moment het schip wel keren. Het is dan allee wel te laat.

Tom Lassing

Zie hier de reactie op een reactie: http://www.beursbox.nl/nieuws-beleggen/ingekomen-vraag-en-daarop-het-antwoord.html

Geplaatst door Beursbox op 28.12.11

bron: http://deanderewaarheid.blogspot.nl/2011/12/afhankelijkheid-en-de-rol-van-de.html

Geef een reactie

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.

%d bloggers liken dit: